dinsdag 6 december 2016

KERST IN HET KABOUTERBOS



Kerst in het kabouterbos      

Het is stil in het bos. Alle kabouters slapen, na een nacht hard werken. Het sneeuwt. Dikke vlokken dwarrelen naar beneden. Maar hé wat zie ik. Is één kabouter nog wakker?  

Nee het is geen kabouter, maar het is Fredje Vouwbeen, die bij de kabouters in het bos woont.
Maar wat is dat nu?  Fredje heeft  zijn jas aan, en een muts op. Hij heeft zijn pyjama nog helemaal niet aan. Hij zit voor het raam, te kijken naar de sneeuw.

Moet jij niet naar bed Fred?    
Nee Fredje heeft een plannetje. Het is bijna Kerst, en hij wil de kabouters verrassen. Hij wil de grootste kerstboom van het bos omzagen en meenemen.
Die moet hij helemaal aan de andere kant van het bos halen.
De slee en een zaag liggen al klaar.  Fredje wacht tot hij zeker weet dat iedereen slaapt.
Stilletjes loopt hij het huis uit, neemt de zaag en de slee mee, en gaat op weg.

Het sneeuwt niet meer, maar de bomen en de paddenstoelhuisjes zijn mooi wit.   Fredje stapt stevig door. In de sneeuw zie je de voetstappen en lange strepen van de slee.  Eindelijk… daar staat ie!   De grootste kerstboom van het bos.  

Vlug begint hij te zagen. Pff wat een werk, en wat krijgt ie het warm. Had ik dit niet beter samen met de kabouters kunnen doen?   Nee, natuurlijk niet,  dan is het toch geen verrassing meer.
Fredje zaagt en zaagt maar door. En ja   kr…aaaaak    hoort Fredje. Nu nog even doorzagen. Maar dan oei, wat gebeurt er nu? De boom valt om.

Fredje wil snel wegrennen, maar hij zit vast in de dikke sneeuwlaag.
Bam de boom ligt op de grond, met…. Fredje eronder.  
 Au au   mijn been…..roept Fredje.  Oooh wat nu.  Hij probeert zijn been onder de boom weg te trekken, maar het lukt niet. De boom is veel te zwaar.   Dikke tranen van verdriet rollen over zijn wangen. 
Hij roept  “Help  help” maar niemand hoort hem.

In het kabouterbos worden de kabouters wakker. Ze zien overal sneeuw. Ze dansen in het rond, en gooien elkaar met sneeuwballen. “Hé Fredje is nog niet wakker” Zullen we ‘m eens ff met sneeuw wassen, roept  één van de kabouters. Met zijn allen rennen ze naar Fred’s huisje.

Maar…. Waar is Fredje?  Zijn bed is netjes opgemaakt, en zijn pyjama ligt opgevouwen op het kussen.  “ Fredje …waar ben je?.”   Dan roept één van de kabouters  Kijk hier eens…   voetstappen en strepen. Van wie zijn die voetstappen?  

De kabouters volgen de voetstappen, steeds verder het bos in. Ze begrijpen er niets van. Is Fredje weggelopen? Vond hij het niet leuk meer bij de kabouters?  Waarom heeft hij dan niets gezegd? De kabouters willen vrolijke Fredje niet missen, en verdrietig lopen ze verder.

Om beurten roepen ze “Fredje…..Fredje.. “ en tegelijk blijven ze doorlopen en de voetstappen volgen.    
Ze roepen weer “Fredje…..Fredje..!!”  

Wat is dat?  Hoor ik wat, roept één van de kabouters, of is dat de wind?   Ze staan muisstil, en ja hoor  daar horen ze het weer.
Het klinkt als: ” Hellup...”  En weer horen ze   “Hellup..”.
De kabouters beginnen te rennen, en dan zien ze een omgevallen boom en een sleetje.
En wat nog meer?   Fredje!!!  Wat zijn ze blij dat ze ‘m gevonden hebben.

Vlug proberen ze Fredje te bevrijden. Met zijn allen duwen ze de boom een eindje omhoog, en één van de kabouters trekt aan Fredje’s armen.   1…2.    hup. Fredje is bevrijd. Maar als hij wil gaan staan, schreeuwt hij van de pijn. Oh au mijn been.
Fredje heeft zijn been gebroken.

Vlug leggen ze Fredje op de slee, en ze trekken ‘m voorzichtig naar huis. De andere kabouters slepen met zijn allen de kerstboom mee.
Thuis in het bos krijgt Fred mooi gips om zijn been. Alle kabouters zetten er hun handtekening op. En Fredje wordt de hele dag op de slee rondgereden.
De kerstboom wordt dicht bij de huisjes gezet. De boom wordt mooi versierd met lampjes.


Met zijn allen gaan ze heel veel Kerstmannetjes vouwen, die ze allemaal in de boom hangen.
Ook Fredje doet mee. “Natuurlijk!!!” lacht hij:
“Ik mankeer toch niks aan mijn handjes??”


En vrolijk lachen de kabouters met ‘m mee.


*****Vouw Kerstmannetjes groot(15 x 15 cm) en klein (12 x 12 cm) en hang ze bij jouw thuis in de kerstboom.********








 Vouw een mobile van 10 Kerstmannetjes.
Hang de mobile voor het raam.

vrijdag 21 oktober 2016

HERFSTKAARTEN MET KABOUTERS EN PARAPLU


 






Kabouters in de storm  
 







Benodigdheden:
  • Origamipapier 15 x 15 cm blaadjespatroon
  • Vouwdiagram paraplu en paddenstoel
  • A5 Linnenstructuur karton: bordeaux, rood, bruin, huidkleur en zand
  • Knipvel kabouters in de storm VBK 2151
  • Stickers ‘Hartelijk Gefeliciteerd”  en identipen bruin
Werkwijze:
Snijd van het origamipapier 4 velletjes van 6 x 6 cm en vouw er de 2 paddenstoelen van.
Snijd voor 1 paraplu 3 velletjes van 2½ x 2½  cm. Vouw er de parapludelen van, en plak ze aan elkaar.  Vouw het andere parapluutje van een andere kleur.
Vouw het A5 karton dubbel. Snijd van zand en huidkleur kaarten van 14,2 x 10 cm. Plak ze op de dubbelgevouwen kaarten.
Knip de kabouters, de paddenstoelen en de bladeren uit, en werk ze op in 3D.
Plak de paddenstoelen, de kabouters en de parapluutjes op de kaarten.  Kleur met de identipen 3 stickers, en laat ze drogen. Plak ze op de kaarten.
Vouwdiagram paddenstoel: model: Kricskovics Zsuzsanna 
Hoed:
      1   Vouw de 3 dalvouw lijnen
2    Vouw de 2 hoekjes om
3.    Draai het papier om.
Steel:
  1. Vouw de middellijn, en vouw de 2 punten naar het midden
  2. Vouw de zijkanten naar het midden
  3. Vouw aan de onderkant de zijkanten naar het midden
  4. Vouw onderaan de steel een klein puntje om.
  5. Draai het papier om.
Vouwdiagram parapluutje(eigen ontwerp)
1.      Vouw 1 diagonaal, en leg het papier weer open.
2.      Vouw de zijkanten naar het midden en weer terug.
3.      Vouw 3 parapludelen, en plak ze met de gevouwen zijpunten aan elkaar.  Knip met de schaar golfjes aan de uiteindes. Plak alleen de 2 buitenste omgevouwen zijdelen vast op de kaart. Zo blijft de paraplu mooi open staan.



Heksen groot en klein



Heksen groot en klein        
 model: Kricskovics Zsuzsanna

Maak de grote heksen aan een draadje, en hang ze voor het raam, dan zwaaien ze lekker heen en weer.
De kleine heksen kun je versturen, ze passen op een dubbelgevouwen A5 kaart.

Benodigdheden grote heksen:
Origamipapier:
1x roze 7,5 x 7,5 cm (gezicht) 2x zwart/ of zwart/wit motief 15 x 15 cm (Lijf, armen en hoofddoek) 1x bruin 15 x 4 cm (bezemsteel) 1x geel 7,5 x 7,5 cm ( bezem) dun draadje.



Benodigdheden kleine heksen:
Origamipapier:
1x roze 3,75 x 3,75 cm (gezicht) 2x zwart 7,5 x 7,5 cm (Lijf, armen en hoofddoek) 1x bruin 7,5 x 2 cm (bezemsteel) 1x geel 3,75 x 3,75 cm ( bezem)  A5 kaart lichtgrijs, linnenstructuurkarton, en A6 zwart glitterpapier.




Werkwijze:
Gezicht:
  1. Vouw de diagonalen, en vouw het papier dubbel.
  2. Vouw de bovenste laag op tweederde terug.
  3. Vouw de onderste punt tot de vouw.
  4. Vouw de bovenpunt naar beneden.
  5. Vouw het naar achteren dubbel.
  6. Trek de punt van de neus naar rechts, en vouw het plat.
  7. Vouw aan de voorkant en achterkant het achterste deel naar binnen.
Lijf:
  1. Vouw de diagonaal.
  2. Vouw de zijdelen naar het midden (vliegertje)
  3. Vouw het dubbel.
Armen:
  1. Vouw de diagonalen, en snijd het papier schuin door. Vouw een stukje om.
  2. Vouw nogmaals een stukje om.
  3. Vouw nogmaals een stukje om.
  4. Vouw het dubbel
Hoofddoek: (het deel dat je overhoudt van de armen)
1. Vouw de diagonaal, en vouw de zijdelen naar het midden
2. Vouw het dubbel.
Bezem:
  1. Vouw de diagonaal, en vouw de zijdelen naar het midden (vliegertje)
  2. Vouw de punt naar boven.
  3. Vouw de bovenpunt naar beneden.
  4. Vouw het dubbel.
Bezemsteel:
  1. Vouw de aangegeven vouwlijnen.
  2. Vouw het dubbel.

Het in elkaar zetten van de heks:
Grote heks:
Prik op de middenvouw van de armen een klein gaatje, en haal er het draadje door. Zet het aan de binnenkant vast met een plakbandje.
Plak de armen aan het lijf. Plak hoofddoek met gezicht op. Plak de bezem aan de bezemsteel. Plak de bezemsteel tussen de armen en het lijf.
Kleine heks:
Zet de heks in elkaar, zoals hierboven beschreven (zonder ophangdraadje)
Vouw de A5 kaart dubbel. Snijd van het zwart glitterpapier een rechthoek van 14,2 x 10 cm. Plak het op de kaart. Plak de heks erop.

Vouwdiagram: Heksen

woensdag 9 maart 2016

Sterrenbeeld vissen














Ben je jarig tussen 20 februari en 20 maart, dan is je sterrenbeeld “Vissen.”
Een heel persoonlijke kaart voor de jarige maak je met deze gevouwen visjes en de bijbehorende tekst.

Sterrenbeeld Vissen:   
Nodig: Aquablauwe A5 kaart, 2 velletjes blauw/groen origamipapier 7½ x 7½ cm. Oplegvelletje; tekst sterrenbeeld vissen; Cuttlebug met mal Swiss Dots; 2 wiebeloogjes ø 5 mm
Werkwijze: Print de tekst op het oplegvel. Haal dan het oplegvel door de Cuttlebug, en snijd het in de maat 14,2 x 10 cm. Plak het op de dubbelgevouwen A5 kaart.
Vouw de visjes:
1. Vouw de diagonaal, en vouw dan de zijkanten naar het midden, tegen de gevouwen  diagonaal.
  1. Vouw het geheel naar achteren dubbel.
  2. Vouw de zijkanten naar het midden, tegen de gevouwen diagonaal, leg het plat, maar trek tegelijk de aangegeven delen naar links ( zie tekening)
  3. Je hebt nu de visbasis. Het deel in de cirkel wordt vergroot > zie tekening 5
  4. Vouw de voorste punten om en vouw ze nog eens om. Haal eerst het model uit elkaar, leg het plat, en maak de vouwen. Vouw het model weer in elkaar.
  5. Vouw de aangegeven lijnen
      7.  Plak er de oogjes op, en plak de visjes op de kaart.