maandag 29 december 2025

V IS DE VUURPIJL

 







De alfabetletter is een grote stansletter : hoogte 13 cm. (Crealies) en bestaat uit 3 delen.

Stans de 3 delen uit papier, en plak de losse  delen op elkaar.

Plak op een vierkante kaart van 13½ x 13½ cm, een vel designpapier van 13 x 13 cm. Spons eventueel eerst de randen van de kaart en het papier. Plak de letter op de kaart.

Vuurpijl:  ontwerp: Annemarie van Vugt -Aarts

Vouw de vuurpijl van een goudkleurig origami velletje van 15 x 5 cm.  Werk de vuurpijl af, met dun zwart koord 

 

 

Tik de tekst over in Word (of maak zelf een tekst) print het uit, plak het op een stukje designpapier , en plak het op de kaart.

 

Vuurpijlen voor het inluiden

van  het nieuwe jaar.

Knallen maar.

Gelukkig Nieuwjaar




     





Benodigdheden
  • Origami kerstpapier rood, zilver en goud
  • Kaartkarton A5 donkerblauw (2x) en vierkant donkerblauw (27 x 13,5 cm)
  • Oplegvellen vierkant wit en A6 wit en lichtblauw
  • Knipvel vuurwerk 2527 (VBK)
  • Stickers: dots goud (STDM22) tekst:  S165P en S3026 (VBK)
  • Cuttlebug en malletjes: Dots en Stars (crafts-too)
  • Dun zwart koord
Werkwijze:
  1. Vouw de vuurpijlen. Goud (12 x 3,5 cm) rood (9 x 2,5 cm) en zilver ( 7,5 x 2 cm) (zie tekening 1 t/m 7.)
  2. Knip stukjes zwart koord, en bevestig ze op de vuurpijlen met behulp van stukjes plakband.
  3. Vouw de basiskaarten dubbel.
  4. Haal de oplegvelletjes door de Cuttlebug, snijd de A6 velletjes in de maat 14,2 x 10 cm. Plak ze op de kaarten.
  5. Snijd het vierkante oplegvelletje in de maat 13 x 13 cm, en plak ‘m op de vierkante kaart.
  6. Knip de plaatjes uit het knipvel, knip de vuurpijlen weg.
  7. Plak het basisplaatje op de kaart, en plak er de bijbehorende gevouwen vuurpijl bij.
  8. Werk de plaatjes op in 3D.
  9. Plak de tekststickers en plak de rondjes en de sterretjes op.
 

vrijdag 19 december 2025

KERSTHANGER.

 



 

1.  VOUW DE 2 RECHTE LIJNEN.

2.  DRAAI HET KARTON OM.

3.  VOUW DE 2 SCHUINE LIJNEN.

4.  ZIE FOTO.

5.  VOUW ER NOG 1.

6.  DRUK DE VOUWLIJNEN AAN, MAAK VAN 1  EEN DUBBELE RECHTHOEK, EN VAN DE ANDERE EEN DUBBELE DRIEHOEK.

7.  KNIP EEN PUNTJE VAN 1 DEEL, MAAK ER EEN LINTJE AAN, AAN DE BINNENKANT EEN KNOOPJE IN HET LINT MAKEN.

8.  VOUW DE 2 DELEN NU IN ELKAAR, EN PLAK DE PUNTEN VAST. KIJK GOED NAAR DE FOTO. VERSIER DE RANDEN MET STIFTEN, STICKERS EN TEKST.

9.  WERK DE HANGER AF, MET LEUKE PLAATJES.

MAAK ER 2 EN HANG ZE VOOR HET RAAM

 



 




donderdag 4 december 2025

Kerst in het kabouterbos


 
Het is stil in het bos. Alle kabouters slapen, na een nacht hard werken. Het sneeuwt. Dikke vlokken dwarrelen naar beneden. Maar hé wat zie ik. Is één kabouter nog wakker?  

Nee het is geen kabouter, maar het is Fredje Vouwbeen, die bij de kabouters in het bos woont.
Maar wat is dat nu?  Fredje heeft  zijn jas aan, en een muts op. Hij heeft zijn pyjama nog helemaal niet aan. Hij zit voor het raam, te kijken naar de sneeuw.

Moet jij niet naar bed Fred?    
Nee Fredje heeft een plannetje. Het is bijna Kerst, en hij wil de kabouters verrassen. Hij wil de grootste kerstboom van het bos omzagen en meenemen.
Die moet hij helemaal aan de andere kant van het bos halen.
De slee en een zaag liggen al klaar.  Fredje wacht tot hij zeker weet dat iedereen slaapt.
Stilletjes loopt hij het huis uit, neemt de zaag en de slee mee, en gaat op weg.

Het sneeuwt niet meer, maar de bomen en de paddenstoelhuisjes zijn mooi wit.   Fredje stapt stevig door. In de sneeuw zie je de voetstappen en lange strepen van de slee.  Eindelijk… daar staat ie!   De grootste kerstboom van het bos.  

Vlug begint hij te zagen. Pff wat een werk, en wat krijgt ie het warm. Had ik dit niet beter samen met de kabouters kunnen doen?   Nee, natuurlijk niet,  dan is het toch geen verrassing meer.
Fredje zaagt en zaagt maar door. En ja   kr…aaaaak    hoort Fredje. Nu nog even doorzagen. Maar dan oei, wat gebeurt er nu? De boom valt om.

Fredje wil snel wegrennen, maar hij zit vast in de dikke sneeuwlaag.
Bam de boom ligt op de grond, met…. Fredje eronder.  
 Au au   mijn been…..roept Fredje.  Oooh wat nu.  Hij probeert zijn been onder de boom weg te trekken, maar het lukt niet. De boom is veel te zwaar.   Dikke tranen van verdriet rollen over zijn wangen. 
Hij roept  “Help  help” maar niemand hoort hem.

In het kabouterbos worden de kabouters wakker. Ze zien overal sneeuw. Ze dansen in het rond, en gooien elkaar met sneeuwballen. “Hé Fredje is nog niet wakker” Zullen we ‘m eens ff met sneeuw wassen, roept  Ã©Ã©n van de kabouters. Met zijn allen rennen ze naar Fred’s huisje.

Maar…. Waar is Fredje?  Zijn bed is netjes opgemaakt, en zijn pyjama ligt opgevouwen op het kussen.  “ Fredje …waar ben je?.”   Dan roept één van de kabouters  Kijk hier eens…   voetstappen en strepen. Van wie zijn die voetstappen?  

De kabouters volgen de voetstappen, steeds verder het bos in. Ze begrijpen er niets van. Is Fredje weggelopen? Vond hij het niet leuk meer bij de kabouters?  Waarom heeft hij dan niets gezegd? De kabouters willen vrolijke Fredje niet missen, en verdrietig lopen ze verder.

Om beurten roepen ze “Fredje…..Fredje.. “ en tegelijk blijven ze doorlopen en de voetstappen volgen.    
Ze roepen weer “Fredje…..Fredje..!!”  

Wat is dat?  Hoor ik wat, roept één van de kabouters, of is dat de wind?   Ze staan muisstil, en ja hoor  daar horen ze het weer.
Het klinkt als: ” Hellup...”  En weer horen ze   “Hellup..”.
De kabouters beginnen te rennen, en dan zien ze een omgevallen boom en een sleetje.
En wat nog meer?   Fredje!!!  Wat zijn ze blij dat ze ‘m gevonden hebben.

Vlug proberen ze Fredje te bevrijden. Met zijn allen duwen ze de boom een eindje omhoog, en één van de kabouters trekt aan Fredje’s armen.   1…2.    hup. Fredje is bevrijd. Maar als hij wil gaan staan, schreeuwt hij van de pijn. Oh au mijn been.
Fredje heeft zijn been gebroken.

Vlug leggen ze Fredje op de slee, en ze trekken ‘m voorzichtig naar huis. De andere kabouters slepen met zijn allen de kerstboom mee.
Thuis in het bos krijgt Fred mooi gips om zijn been. Alle kabouters zetten er hun handtekening op. En Fredje wordt de hele dag op de slee rondgereden.
De kerstboom wordt dicht bij de huisjes gezet. De boom wordt mooi versierd met lampjes.


Met zijn allen gaan ze heel veel Kerstmannetjes vouwen


Ook Fredje doet mee. “Natuurlijk!!!” lacht hij:
 “Ik mankeer toch niks aan mijn handjes??”

En vrolijk lachen de kabouters met ‘m mee.

Kerst in het kabouterbos.    Vragen.

 

 

  1. Waarom heeft Fredje zijn pyjama niet aan?

 

  1. Hij wil naar het werk

B  Hij wil de grootste kerstboom omzagen

C Hij wil weg bij de kabouters

D Hij heeft geen zin om zich uit te kleden.

 

  1. Wat gaat Fredje doen?

 

A  lekker sleetje rijden

B een grote sneeuwpop maken

C  alle kabouters wakker maken

D wandelt door de sneeuw met een zaag en het sleetje.

 

  1. Waarom kan Fredje niet op tijd wegrennen, als de boom valt?

 

  1. De boom valt helemaal niet, want hij kan de boom niet omzagen.
  2. De boom valt de andere kant op.
  3. Fredje zit vast in de dikke sneeuwlaag
  4.  Hij valt over het sleetje.

 

  1. Wat willen de kabouters doen, als ze de sneeuw zien?
    1. Fredje met sneeuw wassen.
    2. Een sneeuwpop maken
    3. Weer terug naar bed
    4. De sneeuw wegschuiven.

 

  1. Waarom mag Fredje op de slee?
    1. Hij is moe van het zagen
    2. Hij heeft zijn been gebroken
    3. Hij heeft zijn arm gebroken
    4. Hij mag uitrusten.

 

  1. Wat zegt Fredje als ze de Kerstmannetjes vouwen?

A.  Ik moet het jullie voordoen.

B. ik heb alleen een vouwbeen

C. Ik mankeer toch niks aan mijn handjes

D. Ik weet precies hoe het moet.